Hoe zit het nou met dat Plan?

Hoe zit het nou met dat Plan?
Nu ook te lezen op Fluister-app

Het is inmiddels bijna drie jaar geleden dat mijn boek Plan van de Arbeid verscheen. Ik betoogde dat we weer de durf moesten hebben om vooruit te kijken: dat we een visionair en optimistisch plan moesten opstellen waarvoor we willen vechten en strijden. Een plan waarmee we ons losmaken van een economisch-maatschappelijk systeem waarin te veel van wat voor ons als mensen wezenlijk is, wordt uitgehold. Ik stelde voor ons te laten inspireren door een eerder Plan van de Arbeid. Dat verscheen in 1935. Het bood niet alleen hoop in een bange tijd, maar stond ook vol met ideeën die na de oorlog werden uitgevoerd.

De behoefte aan zo’n perspectief is sindsdien alleen maar toegenomen. Dus ik begrijp dat ik regelmatig de vraag krijg: hoe zit het nou met dat plan? De komende weken houd ik jullie op de hoogte van de verschillende vervolgen. Ik begin met de voor mij meest verrassende: het verzoek van de Goldschmeding Foundation (in het leven geroepen door Randstad-oprichter Frits Goldschmeding) of zij niet een rol konden spelen bij de ontwikkeling van zo’n toekomstperspectief.

Op dit moment werk ik met Waag Futurelab, in samenwerking met de Goldschmeding Foundation, aan een voorstel voor de ontwikkeling van een nieuw Plan voor Werk. Dat gaat over het werk waarvan je zou wensen dat het over 25 jaar gedaan wordt. Hoe werken we dan? Op welke manier geven we met onze arbeid betekenis aan de samenleving en aan ons eigen leven? Hoe gaan we met ons werk grote maatschappelijke vraagstukken te lijf?

Het afgelopen jaar zijn er al heel veel gesprekken gevoerd met werkgevers, vakbonden, maatschappelijke organisaties, wetenschappers en andere deskundigen. Er bleek veel steun voor het initiatief, maar we kregen twee adviezen mee die we in ons voorstel uitwerken. Het eerste is dat we niet alleen een stem moeten geven aan degenen die we in discussies over de arbeidsmarkt al zo vaak horen: laten we die de usual suspects van de polder noemen. Tijdens de verkenning werd vaak benadrukt dat vooral de stem van werkenden en toekomstige werkenden te weinig werd gehoord. Er werd te veel over hen en te weinig door hen gesproken. Daarom kiezen we in ons projectvoorstel voor een sterke rol voor de doeners, makers en werkers.

Een andere conclusie had betrekking op de vorm van het plan. Er was weinig behoefte aan nóg een rapport. Er moest een manier worden gevonden om aan beleidstaal te ontsnappen en verleid te worden om mee te doen aan het ontwerpen van de toekomstige wereld van werk. De kunst is dus om vormen te vinden waarin de toekomst gezamenlijk wordt verbeeld. Dat vraagt om een bijzondere manier om zo’n plan te ontwerpen en te presenteren. Dat kan met kunstprojecten, filmprojecten of bijvoorbeeld door met mensen in bedrijven in gesprek te gaan die een gedroomde toekomst van werk al in de praktijk brengen. In onze dromen leidt dit uiteindelijk tot een manifestatie of tentoonstelling die je meevoert in een toekomstige wereld van werk, en die bovendien ieder van ons—van leerling tot beleidsmaker—uitdaagt om mee te denken en mee te bouwen.

De komende weken hoop ik meer duidelijkheid komt over dit initiatief te kunnen geven.

PS: Heb je het boek Plan van de Arbeid nog niet gelezen? Op Fluister is het nu gratis beschikbaar. Als e-book is het ook nog te verkrijgen. Wil je een paperbackversie (15 euro)? Mail dan naar info@michielzonneveld.nl